Een tikje gesloten, maar sympathiek

 

 

Een heel schooljaar lang zwerft het plan al rond in onze agenda’s. Maar nooit kregen we de schaarse gaatjes in die boekjes gesynchroniseerd. Dat wordt al te gortig. Dagelijks worden we er immers aan herinnerd wat voor bofkonten wij zijn: onderwijslui dobberen constant in een zee van vrije tijd. Als wij eindelijk zelf ook een glimp van die grote plas zien opduiken, perforeren we in een euforische bui de vier agenda’s tegelijk. De allereerste dag van de vakantie zullen we een aflevering toevoegen aan onze reeks stadsverkenningen. Gent, here we come!

 

De stad is blijkbaar geflatteerd door onze langverwachte komst. We worden warm onthaald. Heel warm. Het had best ietsje minder gemogen dan die gulle 31° Celsius. Maar wij zijn flexibel en passen onze strategie aan: vóór de zon haar climax bereikt, zullen we die stadswandeling uit ons boekje helemaal afwerken, dan hebben we een mooi globaal beeld. Daarna een welverdiend terras en na de middag in een paar cultuurtempels onderduiken. Schoolvossen gaan doordacht en planmatig te werk, ook als ze op uitstap zijn.

Vandaag lijkt het rijke verleden van de stad nog veel zonniger dan het wellicht geweest is. Markten en pleinen, steegjes en leien, gevels, torens en pittoreske waterkanten: alles even schitterend. Gelukkig zijn we gewapend met polariserende brillenglazen… De Vrijdagmarkt, daar zijn we ’t roerend over eens, is dé plaats om alle indrukken even te laten bezinken. Het vijfde terrasje dat we uittesten, voldoet aan ieders wens. Leerkrachten zijn niet alleen goed georganiseerd, maar ook kritisch én democratisch ingesteld, moet je weten. Pas als iedereen tevreden is, is iedereen tevreden. Na  uitgebreid overleg ligt het vervolgprogramma tussen de lege glazen op tafel: eerst het Designmuseum, dan het Huis van Alijn. Voor die andere hoogst interessante dingen komen we zeker nog eens terug.

Ahum, oké, we komen inderdaad beter eens terug, maar dan niet meer op een maandag! Vandaag botsen we overal op gesloten deuren. Al die aantrekkelijke schatten – en die heerlijk frisse zalen – gaan aan onze neus voorbij. Ja kijk, op zo’n sluitingsdag hebben wij vanzelfsprekend niet gerekend: wij zijn elke dag van de week voor onze job in de weer!

Dan maar op zoek naar die winkel op de Graslei die ons is aangeraden. Je kunt er shoppend alle verdiepingen van het historische pand verkennen, naar verluidt. Het zit ons nu wel echt allemaal tegen: gesloten wegens verbouwing. Met lede ogen merk ik hoe bij mijn kompanen naast het zweet ook de moed in de schoenen begint te zakken. “Het Poëziecentrum is in een fraai torengebouw gehuisvest ”, doe ik enthousiast. Fraai, dat geeft mijn gezelschap toe, maar omdat ik de enige verzenfreak ben, staan we na een kwartiertje alweer te smelten op de stoep. Het Gravensteen, oppert iemand, daar moet het nu zalig zijn, achter die dikke muren. En o wonder, deze stoere mastodont is niet besmet met de maandagziekte! We worden er zelfs koninklijk onthaald, als we onze lerarenkaart bovenhalen. Het enthousiasme van de heren aan het loket werkt aanstekelijk. Dit is dé gedroomde bestemming voor een studiereis met onze leerlingen, knikken we aan het eind van hun verhaal.

Twee uur lang spelen we dankbaar kasteelbewoner. Op het boventerras genieten we van een prachtig panorama. Een langharige jonge kerel komt ons gezelschap houden. Hij is student Toerisme en moet over een paar dagen als gelegenheidsstadsgids voor een examinatorenpeloton verschijnen. Of wij eventjes als oefenpubliek op willen treden? Vragen stellen mag en zo komen we alles te weten over die knappe miniatuurtjes daar beneden. Sappige anekdotes krijgen we er naar hartenlust bij. We wanen ons vips op bezoek bij Keizer Karel…

 

In de vooravond leren we nog dat reserveren een must is als je in dat befaamde Patershol uit eten wilt, maar onze dag kan dan al niet meer stuk. Een van ons diept een verfrommelde maar nog onversneden gouden tip op, haar ooit door een Gentkenner toegespeeld. We verlaten de platgetreden toeristische paden en midden in de Turkse wijk ronden we ons uitje in een verrassende culinaire schoonheid af.

Gent? Een zeer sympathieke adellijke dame, als je ’t ons vraagt. Op een blauwe maandag misschien een tikje gesloten, maar gul en gastvrij. Zelfs voor drieste onderwijsneuzen.

 

Loes Loyens

'Broodje cursief', Don Bosco Vlaanderen september-oktober 2008